Naar de inhoud
Laatste update: 28 artikelen 4 rubrieken
Wegtransport

Lading zekeren en Code 95 combineren in je werk als chauffeur

Je wilt lading veilig vervoeren en tegelijk je Code 95 geldig houden. Een cursus lading zekeren kan nascholingsuren opleveren, maar controleer vooraf of de specifieke cursus meetelt en hoe de uren worden geregistreerd.

Door Ruben Verhagen · · 5 min leestijd

Rolkous oranje spanband op houten werkbank in magazijnomgeving, daglicht zichtbaar

Een lading die bij een noodstop verschuift, kan schade veroorzaken en mensen in gevaar brengen. Als chauffeur moet je daarom vóór vertrek en onderweg controleren of de goederen goed vaststaan. Voor beroepschauffeurs kan lading zekeren ook een onderwerp zijn van nascholing voor Code 95. Dat zijn twee zaken die samen kunnen vallen, maar niet hetzelfde betekenen: een cursus volgen maakt een onveilige lading niet automatisch veilig en niet iedere cursus telt vanzelf mee voor je nascholing.

Wat hebben lading zekeren en Code 95 met elkaar te maken?

Code 95 is de aanduiding op het rijbewijs die de vakbekwaamheid voor beroepsmatig vervoer met bepaalde vrachtwagens en bussen weergeeft. De code is iets anders dan een bewijs dat een specifieke lading veilig is vastgezet. Een nascholingscursus over ladingzekering kan je kennis opfrissen en, als de cursus hiervoor is geregistreerd, meetellen voor je Code 95. Controleer de registratie van de cursus zelf, niet alleen de titel ervan.

De regels voor beroepsvervoer over de weg vormen de bredere context: naast ladingzekering spelen ook rijbewijs, voertuig, papieren en de aard van het vervoer een rol. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) beschrijft dat lading zo moet zijn gezekerd dat die onder normale omstandigheden niet van het voertuig kan vallen. Daaronder vallen volgens de ILT-uitleg over lading vastzetten ook een volle remming, een plotselinge uitwijkmanoeuvre en een slecht wegdek.

Wanneer telt een cursus lading zekeren mee?

Niet de naam van de cursus, maar de registratie bepaalt of gevolgde uren meetellen voor nascholing. Vraag vóór je boekt welke cursuscode geldt, hoeveel uren worden gemeld en wie die registratie verzorgt. Na afloop controleer je of de uren daadwerkelijk in je overzicht staan. Zo voorkom je dat je wel tijd aan een cursus besteedt, maar later ontdekt dat die niet is verwerkt zoals je verwachtte.

De RDW-informatie over Code 95 vermeldt dat de code vijf jaar geldig is en dat verlenging nascholing vereist. De overheid noemt daarvoor minimaal 35 uur per periode van vijf jaar. Gebruik de actuele gegevens in je persoonlijke CBR-overzicht om te controleren hoeveel uren nog ontbreken en wanneer je code verloopt. De informatie over Code 95 geldig houden helpt je de nascholing als geheel te plannen; een losse cursus ladingzekering is daar slechts een mogelijke invulling van.

Let ook op het onderscheid tussen theorie en praktijk. Een cursus kan zich richten op voorschriften, verantwoordelijkheden en principes, of juist op het gebruik van materialen. De precieze inhoud verschilt per cursus. Vraag daarom wat je tijdens de les daadwerkelijk doet en of de behandeling aansluit op de ladingen, voertuigen en vastzetmiddelen waarmee je werkt. Een nascholingsregistratie zegt op zichzelf niet dat je na de cursus ieder type lading zelfstandig kunt beoordelen.

Welke punten bepalen hoe je een lading zekert?

Begin niet bij de spanband, maar bij de lading en de vervoerssituatie. Bekijk onder meer:

  • wat de lading weegt, hoe zij is verpakt en waar het zwaartepunt ligt;
  • of goederen kunnen rollen, kantelen, schuiven of uiteen vallen;
  • welke ondersteuning de laadvloer, wanden of andere voertuigonderdelen bieden;
  • welke vastzetmiddelen beschikbaar zijn en of ze geschikt en onbeschadigd zijn;
  • of de verdeling van de lading past bij het voertuig en de toegestane belasting.

Een palletmaat kan bijvoorbeeld invloed hebben op de manier waarop goederen in de laadruimte staan en op de beschikbare ruimte om ze vast te zetten. De vorm en stabiliteit van de goederen blijven daarbij bepalend; een standaardmaat maakt een lading niet vanzelf stabiel. Ook een dekzeil is niet zonder meer een vervanging voor passende zekering. Kies de methode en middelen op basis van de lading en de instructies die voor die situatie gelden.

De ILT vermeldt dat de verantwoordelijkheid gedeeld is: de verlader zorgt voor een verpakking en belading waarmee veilig vervoer mogelijk is, en de chauffeur controleert vóór en tijdens de rit. Spreek daarom vooraf af wie laadt, wie de gebruikte middelen controleert en wat er gebeurt als je een tekortkoming ziet. Bij twijfel is een praktische stap vaak om de verlader om aanpassing of aanvullende informatie te vragen voordat je vertrekt.

Hoe kies je een nascholingscursus die bij je werk past?

Vergelijk cursussen op inhoud en registratie, niet alleen op de naam. Een theoretische les kan geschikt zijn om regels, risico’s en verantwoordelijkheden op te frissen. Een cursus met een praktisch onderdeel kan meer aandacht geven aan materialen en werkwijzen. Welke vorm nuttig is, hangt af van je ervaring en dagelijkse taken. Kijk ook of de duur en planning passen binnen de uren die je voor je Code 95 nog nodig hebt.

Controleer vóór inschrijving de cursusvermelding bij het CBR of vraag de opleider om de actuele registratiegegevens. Laat bevestigen hoeveel uren worden gemeld en op welke manier je na deelname kunt nagaan dat ze zijn verwerkt. Bewaar de bevestiging en het bewijs van deelname totdat de registratie zichtbaar is. Als je werkgever de cursus regelt, stem dan vooraf af wie de inschrijving en controle van de uren op zich neemt.

Let erop dat je nascholingskeuze niet hetzelfde is als een vrijstelling of een aparte bevoegdheid voor een bepaald type vervoer. Voor bijzondere goederen kunnen aanvullende voorschriften gelden. De ILT behandelt bijvoorbeeld belading en stuwage afzonderlijk in haar informatie over vervoer van gevaarlijke stoffen. Ga dus na welke eisen gelden voor de lading die je daadwerkelijk vervoert; neem niet aan dat één algemene cursus alle situaties afdekt.

Hoe werk je vóór en tijdens de rit stap voor stap?

  1. Bespreek de belading. Vraag wat je vervoert, hoe de goederen zijn verpakt en welke beperkingen of aandachtspunten bekend zijn.
  2. Controleer voertuig en hulpmiddelen. Kijk of laadruimte, bevestigingspunten en gebruikte middelen geschikt zijn voor de geplande lading en geen zichtbare gebreken hebben.
  3. Beoordeel de verdeling. Let op stabiliteit en een passende gewichtsverdeling. Een goed vastgezette lading kan nog steeds problemen geven als het voertuig verkeerd is beladen.
  4. Zet de lading vast. Gebruik een methode die past bij de vorm, verpakking en positie van de goederen. Volg de geldende instructies en gebruik geen beschadigd of ongeschikt materiaal.
  5. Controleer vóór vertrek. Kijk of de goederen niet kunnen verschuiven of vallen en of je zicht en toegang tot noodzakelijke voertuigonderdelen niet worden belemmerd.
  6. Controleer onderweg opnieuw. Als de situatie verandert of je reden hebt om verschuiving te vermoeden, stop dan op een geschikte plek en beoordeel de zekering opnieuw.

Wanneer kun je veilig verder rijden?

Rijd pas weg als de belading en zekering in orde zijn en je geen onopgelost veiligheidsprobleem ziet. De ILT geeft aan dat bij een controle een tekortkoming eerst moet worden hersteld voordat de chauffeur verder mag. De politie houdt toezicht op ladingzekering. Een cursus helpt je aandachtspunten te herkennen, maar neemt je controleplicht tijdens het werk niet over.

Leg bij terugkerende problemen vast wat er misgaat en bespreek dat met de partij die verantwoordelijk is voor laden of verpakken. Denk aan terugkerend beschadigd materiaal, een ongeschikte verpakking of onduidelijkheid over wie de lading controleert. Zo pak je de oorzaak aan in plaats van alleen bij iedere rit hetzelfde probleem op te lossen. Houd daarbij de rollen helder: de verlader bereidt de lading voor, de chauffeur controleert die voor en tijdens de rit, en de vervoerder maakt duidelijke afspraken over de werkwijze.

Veelgestelde vragen

Telt elke cursus lading zekeren mee voor Code 95?

Nee. Controleer of de specifieke cursus als nascholing is geregistreerd en of de opleider de uren correct bij het CBR laat verwerken. Vraag vóór inschrijving naar de cursuscode, het aantal nascholingsuren en het bewijs dat je na afloop ontvangt. Kijk na de cursus ook zelf in Mijn CBR of de uren zijn bijgeschreven; ga niet alleen af op een algemene omschrijving of mondelinge toezegging.

Is een cursus lading zekeren verplicht om Code 95 te verlengen?

De nascholingsplicht geldt, maar je hoeft niet per se een cursus lading zekeren te kiezen. Je kunt je nascholing invullen met cursussen die voor Code 95 meetellen. Lading zekeren is vooral een logische keuze als je werk met laden en vervoeren te maken heeft of als je je kennis van vastzetmiddelen en verantwoordelijkheden wilt opfrissen.

Wie is verantwoordelijk als de lading niet goed is vastgezet?

De verantwoordelijkheid is niet uitsluitend van één partij. Volgens de ILT ligt die zowel bij de verlader als bij de chauffeur: de verlader moet zorgen voor veilig verpakken en laden, terwijl de chauffeur de lading vóór en tijdens de rit controleert. Maak bij twijfel over de belading afspraken voordat je vertrekt en rijd niet door wanneer een gebrek de veiligheid in gevaar brengt.

Moet ik de lading tijdens de rit opnieuw controleren?

Ja. Een controle bij vertrek vervangt niet de controle onderweg. Kijk opnieuw wanneer de lading mogelijk is verschoven, bijvoorbeeld na een stop of na veranderingen in de omstandigheden. Volg daarbij de afspraken voor het voertuig en de lading en kies een veilige plek om te controleren. Als je een probleem vaststelt, herstel het dan voordat je verder rijdt.

In de rubriek Wegtransport